
Op Tweede Kerstdag speelde het Uriël Ensemble, bestaande uit vijf musici van het Koninklijk Concertgebouworkest en de pianiste Mitsuko Saruwatari de sterren van de hemel in de Doornse Maartenskerk. Zij brachten werken van Ludwig van Beethoven, Felix Mendelssohn en Franz Schubert ten gehore. De vele liefhebbers van klassieke kamermuziek hebben weer kunnen smullen. De verfijndheid waarmee de musici dit programma brachten, was ongeëvenaard.
Het concert begon met Beethovens' het pianokwartet in e, een eigen bewerking van zijn oorspronkelijke pianokwintet. Het vormt nog steeds een uiterst plezierig alternatief voor het uitbundige origineel. Het piano sextet van Mendelssohn bevatte een uit de kluiten gewassen pianopartij, die de pianiste de kans gaf om de strijkers op sleeptouw te nemen. Dat deed pianiste Mitsuko Saruwatari met verve. Het stuk wordt weinig uitgevoerd, omdat het twee altviolen vereist en daardoor een weinig gangbare combinatie vraagt. Na de pauze stond het beroemde Forellenkwintet van Franz Schubert op het programma. Het gehele concert was een zeer sfeerrijk familieconcert in een prachtige en volle Maartenskerk.
De bevlogenheid van de musici was opmerkelijk. Dat bewees maar weer eens dat ieder concert van hoog-professionele musici, hoe vaak zij het ook al hebben gespeeld hebb, toch steeds weer een geconcentreerde uitvoering kan zijn. Het was fantastisch om te zien hoe bijvoorbeeld Yke Viersen één werd met zijn cello. Geen wonder dat je dan zulke muzikale dochters krijgt (Quirine en Saskia). En wat een virtuositeit bij alle drie de stukken van pianiste Mitsuko Saruwatari.